Strict Standards: Only variables should be assigned by reference in /home/curalisc/public_html/nieuws/templates/CuralisBVdefault/index.php on line 20
Curalis Nieuws

Regelmatig roepen wij u op om uw hond te laten vaccineren. Maar waarom worden honden meestal jaarlijks ingeënt? Is het nodig? En is het verplicht? Waartegen kan uw hond beschermd worden?
Misschien heeft u zich dit ook wel eens afgevraagd. Hieronder hebben wij de informatie over het vaccineren van de hond samengevat. Als u hier nog vragen over hebt dan kunt u deze aan ons stellen bij een bezoek aan de praktijk of telefonisch.



Hondenziekte
Hondenziekte komt het meest voor bij jonge dieren. Niet alleen honden, maar ook wolven, fretten en nertsen zijn er gevoelig voor. De ziekte openbaart zich door de verschijnselen koorts, ontsteking van oogleden en neusslijmvlies, hoesten, diarree, soms door aantasting van het zenuwstelsel en soms door een verdikking van de hoornlaag op de neus en de voetzolen. Meestal zijn de dieren erg ziek. Zij kunnen, zelfs ondanks een goede behandeling, doodgaan.
Fokkers en asiels zijn wettelijk verplicht honden vóór de leeftijd van 7 weken tegen hondenziekte te laten vaccineren. Om een goede weerstand te krijgen is het belangrijk dat op de leeftijd van 12 weken en 1 jaar nogmaals tegen hondenziekte wordt gevaccineerd. Daarna is het voldoende als deze vaccinatie elke 3 jaar wordt herhaald.

Parvo

Het parvovirus is een zeer besmettelijk virus, dit komt onder andere omdat het virus tot wel een jaar kan overleven in de omgeving. Een parvovirusbesmetting bij de hond wordt gekenmerkt door het optreden van ernstige, bloederige diarree en braken. Dit leidt tot verlies van (veel) vocht waardoor uitdroging ontstaat. Door de parvo-infectie neemt de afweer van de hond af. De behandeling van een parvo-infectie is moeilijk en erg arbeidsintensief. Zelfs bij een goede behandeling is het lang niet zeker dat de patiënt herstelt.
Vooral jonge dieren zijn gevoelig daarom, is een vroege vaccinatie belangrijk. Uw dier kan al op een leeftijd van 6 weken tegen parvo en hondenziekte worden gevaccineerd. Fokkers en asiels zijn wettelijk verplicht alle honden vóór de leeftijd van 7 weken tegen parvo te laten vaccineren. Meestal worden pups geënt op een leeftijd van 6 weken, 9 weken, 12 weken, 1 jaar en 3 jaar. Ieder dier is anders en leeft onder andere omstandigheden. Daarom is het verstandig om bij ons langs te komen voor een vaccinatieschema voor uw dier op maat.

Besmettelijke leverziekte (hepatitis)
De besmettelijke leverziekte wordt veroorzaakt door een adenovirus dat in het lichaam allerlei schadelijke effecten veroorzaakt. Het belangrijkste effect is ontsteking van de lever. De ziekteverschijnselen zijn niet altijd even duidelijk, waardoor het meestal nodig is laboratoriumonderzoek uit te voeren om de diagnose te stellen. De ziekte kan bij dieren van alle leeftijden voorkomen. Soms is het verloop mild, in andere gevallen worden dieren ernstig ziek en kunnen ze sterven.
Leverziekte komt in Nederland niet zo vaak voor. Een eenmalige vaccinatie op de leeftijd van 12 weken gevolgd door een herhalingsvaccinatie op de leeftijd van een jaar is voldoende om een goede weerstand te hebben. Daarna is het voldoende als er elke 3 jaar gevaccineerd wordt.

Ziekte van Weil (leptospirose)
De ziekte van Weil komt zowel bij de mens als de hond voor. Het belangrijkste verschijnsel is een nierontsteking. Leptospiren (een bacterie) worden via de urine uitgescheiden en met name via besmet (zwem)water van het ene naar het andere dier (rat-hond; hond-hond) overgedragen. De mens wordt meestal besmet via zwemmen in open water. Leptospirose is een gevaarlijke ziekte en kan, vooral wanneer te laat wordt ingegrepen, tot de dood leiden.
De eerste vaccinatie bij een jong dier, of een eerste vaccinatie bij een volwassen dier, levert alleen een goede bescherming op als enkele weken later een tweede vaccinatie wordt gegeven. Om de weerstand op peil te houden is een jaarlijkse herhalingsvaccinatie nodig.

Kennelhoest
Deze ziekte is nog altijd niet echt goed beschreven. Wel is bekend dat verschillende virussen en bacteriën de aandoening kunnen veroorzaken. Kennelhoest treedt meestal op nadat de hond intensief in contact is geweest met andere honden (in een pension, op een tentoonstelling of op een hondenschool). Enkele dagen later krijgt de hond een droge, hardnekkige hoest die vaak gepaard gaat met kokhalzen en braken. Deze verschijnselen kunnen enkele weken aanhouden.
Belangrijk is dat de hond goed is gevaccineerd tegen de belangrijkste virale (paraïnfluenza) en bacteriële (Bordetella bronchiseptica) verwekkers van kennelhoest. Aangezien kennelhoest een infectie is van de voorste luchtwegen geeft een neusdruppelvaccinatie de beste bescherming. Aangeraden wordt om uw hond kort (één tot enkele weken) voor verblijf in pension te laten vaccineren. Het komt tegenwoordig vaak voor dat de pensionhouder de vaccinatie kennelhoest verplicht stelt. Om de weerstand op peil te houden is een jaarlijkse herhalingsvaccinatie nodig.

Hondsdolheid (rabiës)

Dieren en mensen gaan vrijwel zonder uitzondering dood binnen 7 dagen nadat de verschijnselen van rabiës zich openbaren. De tijd tussen besmetting en het ontstaan van verschijnselen kan echter maanden in beslag nemen.
Meestal brengen honden door middel van speeksel de infectie op de mens over. Daarom is vaccinatie van honden van groot belang. Eenmalige vaccinatie bij honden ouder dan 12 weken is voldoende om een langdurige immuniteit te geven. Daarna is het voor reizen binnen de EU voldoende als er elke 3 jaar gehervaccineerd wordt. Een aantal landen is vrij van rabiës en wil dit ook blijven. Vandaar dat zij strenge eisen (vaccinatie gevolgd door bepaling van de hoeveelheid afweerstoffen in bloed) stellen aan de toelating van honden uit het buitenland. In bepaalde gevallen (Scandinavische landen en Engeland) neemt de totale procedure minimaal een half jaar in beslag. Belangrijk is ook dat een rabiësvaccinatie door veel landen pas 21 dagen na vaccinatie als geldig wordt beschouwd.

Bron: Intervet Schering-Plough Animal Health